erfgoedwijs noord-holland

financiën/belangrijke begrotingsposten

opbrengsten

  • Entreegelden

  • Contributie leden

  • Verhuur (van verenigingsgebouw, museumruimten of van tentoonstellingen)

  • Winkelopbrengst, opbrengst verkoop publicaties
    opbrengsten na aftrek van de directe kosten (winkelpersoneel en inkoop).

  • Restaurantopbrengst

  • Donaties van vrienden, vriendenvereniging of particulieren

  • Schenkingen en legaten

  • Rente

  • Inkomsten uit subsidies

  • Inkomsten uit fondsen

  • Inkomsten uit sponsoring

wees realistisch
In het algemeen is het raadzaam om de opbrengsten uit entreegelden en uit verhuur realistisch in te schatten. Reeds menig instelling is in de problemen gekomen door te optimistische of te ambitieuze inschatting van bezoekersaantallen.
Jaarlijks kunnen vriendenvereniging en donateurs het museum een schenking doen.

reserves
Een museum mag geldreserves hebben. Ze kunnen op kort of langer lopende renterekeningen geld opbrengen.

geldschieters
In een exploitatiebegroting van een museum is het belangrijk de bijdragen van diverse geldschieters te onderscheiden:
  • Subsidies
    Er is sprake van subsidies wanneer rijk, provincie of gemeente zich hebben verplicht de instelling over een of meerdere jaren structureel financieel te steunen.

  • Inkomsten uit fondsen
    hebben betrekking op meest incidentele subsidies van particuliere fondsen. Die fondsen geven vaak ondersteuning met een bepaald doel, bijvoorbeeld scholing van medewerkers, educatieve activiteiten, museuminrichting of cultuurbereik.

inkomsten uit sponsoring
De inkomsten uit sponsoring verdienen aparte vermelding.
  • een sponsor is een ‘marktpartij’, die voor zijn steun vaak een tegenprestatie verlangt

  • het is niet gebruikelijk om ‘gaten’ in de structurele exploitatie te dichten met sponsorbijdragen (tenzij anders is overeengekomen)
  • sponsorbijdragen zijn vaak met een doel gegeven: publicatie, tentoonstellingscatalogus, aanschaf audiovisuele apparatuur of verwerving van een belangrijk stuk voor de collectie

De afspraken met en voorwaarden voor financiering door overheden, fondsen of sponsors kunnen sterk van elkaar verschillen. Die verschillen moeten zichtbaar zijn in de begroting.

Terug naar boven

kosten

  • Personeelskosten
  • Kosten vrijwilligers

  • Huisvesting

  • Algemene en bestuurskosten

  • Onderhoudskosten

  • Museumtaken

  • Collectie
  • Publiek

  • Activiteiten voor de leden

  • Publicaties

  • Afschrijvingen en reserveringen

  • Belastingen en heffingen

  • Rente

uitleg kosten

personeelskosten
Denk bij het begroten van personeelskosten naast het salaris ook aan trendmatige loonstijgingen, bureau- en apparaatskosten en reiskostenvergoedingen.

kosten vrijwilligers
Ook vrijwillige medewerkers kosten geld: ze mogen een financiële beloning ontvangen tot een fiscaal toegestane hoogte, ze hebben ook een werkplek. Vaak ook wordt er jaarlijks een personeelsuitje of vrijwilligersbijeenkomst georganiseerd.

huisvesting
Huisvestingskosten kunnen betrekking hebben op huur, onderhoud of afbetaling van geldleningen op het museum- of verenigingsgebouw. Ook de kosten voor gas, water en elektriciteit worden meestal onder huisvestingskosten begroot, evenals verzekering tegen brand en inbraak en schoonmaak.

gebruik gebouw 'om niet'
Soms krijgen erfgoedinstellingen van de gemeente het gebruik van een gebouw ‘om niet’. Gemeenten willen daarbij de financiële waarde van deze ondersteuning tot uitdrukking laten komen in het gemeentelijke subsidiebeleid. Het bestuur doet er in dat geval goed aan om dit bedrag onder huisvestingskosten zowel aan de opbrengstzijde (subsidie) als aan de kostenzijde (huur) van de begroting op te nemen.

Behalve posten voor algemene kosten, bestuurskosten en onderhoudskosten van de inventaris, is het belangrijk om voor musea en historische verenigingen specifieke kosten in de begroting op te nemen. Hieronder kunnen vallen:
  • kosten die met verwerving en beheer van de collectie te maken hebben, zoals aankoop, verzekering, onderhoud, beschrijving, automatisering, fotografie en bruikleen, conservering en restauratie.

Daarnaast staan de kosten die met de publieksfunctie van de instelling van doen hebben:
  • ledenadministratie

  • drukwerk en publicaties

  • tentoonstellingen

  • marketing en pr

  • educatieve programma’s
  • website

  • nieuwsbrieven

  • e.d.

subsidiegevers
Subsidiegevers maken graag prestatieafspraken, waarbij er van de kant van de subsidiegever de behoefte bestaat om te kwantificeren. Het is daarom nuttig om in de begroting de taken te specificeren en zo zichtbaar te maken voor derden.

inventaris
Het is volgens de algemeen geldende boekhoudregels goed gebruik om af te schrijven op de inventaris. Hiermee kunnen reserveringen worden opgebouwd waarmee na een zekere termijn tot vervanging van de afgeschreven inventaris – vitrines, computers, meubilair, audiovisuele apparatuur - kan worden overgegaan. Let wel: een museumcollectie maakt geen deel uit van de inventaris!

belastingen en heffingen
Ook erfgoedinstellingen ontkomen niet aan het betalen van belasting en heffingen. Als gebruiker bijvoorbeeld voor de onroerend zaakbelasting en heffingen voor rioolwater, kabel en reiniging.

Terug naar boven
Czaar Peterhuisje
Goois Museum